zondag 16 juli 2017

Einde van ons rondje Engeland.


Vandaag vertrokken om half negen uit IJmuiden naar de Blocq van Kuffeler. We hadden de sluizen mee. Zowel de Kleine Sluis in IJmuiden als de Oranje Sluizen gingen of stonden al open. Verder was het erg druk met recreatievaart. Om kwart voor twee meerden we weer in onze thuishaven af. We hebben een intensieve en mooie tocht gehad. In het begin was het even lastig om de juiste keuze te maken: linksom of rechtsom Engeland heen. Maar in IJmuiden werd dat al snel duidelijk. Rechtsom met de klok mee was het voor de komende dagen steeds zuidwesten ofwel tegenwind en ook nog veelal met 5 of meer bft. Naar Lowestoft hadden we een prachtige wind van ZW4-5 en waren we daar in een dagtocht. De oostkust van Engeland viel ons tegen. Scarborough vonden we echter leuk en sfeervol. Van Newcastle hadden we wat sfeer en bezienswaardigheden betreft meer verwacht. Whitehills in het noordoosten van Schotland had een kleine maar leuke haven. Het Caledonisch kanaal was een belevenis op zich, maar minder imposant dan we ons hadden voorgesteld. Het is een leuk folkloristisch kanaal, dat vele toeristen trekt. Loch Ness en de overige meren met de prachtige hooglanden eromheen waren echter zeer indrukwekkend evenals de westkust van Schotland. Tobermory en Oban waren idyllische sfeervolle plaatsjes. De oostkust van Ierland viel ons wat tegen. Howth was leuk, waar we een mooie klif-wandeling hebben gemaakt. Dublin vonden we sfeervoller dan Belfast. Het verschil in sfeer van het Engels gerichte Noord-Ierland en die van de republiek Ierland is wel merkbaar. Peel op het eiland Man was één van de hoogtepunten. Een gezellige en sfeervolle plaats in prachtige natuur gelegen. De Isles of Scilly en  zuidwest-kust van Engeland vinden we nog steeds een van de mooiste gebieden. De havens waren over het algemeen goed. Soms klein, maar we hadden altijd plek. Dat zal in het hoogseizoen wel anders zijn. Vaak moesten we bij aanloop of vertrek met het tij rekening houden in verband met de diepgang en had de nautische Reeds-almanac het bij het verkeerde eind. Het weer was matig. In Schotland en Ierland hadden we veel regen en wind. Soms met een mooie dag er tussen. Pas vanaf de Isles of Scilly werd het weer beter. Geen regen meer en vooral zonniger. De haventarieven liepen nogal uiteen. Vooral Ierland was duur, ook wat boodschappen betreft, en Schotland goedkoop t.o.v de Nederlandse haventarieven. Internet is niet overal goed geregeld. We hebben ruim 1819 Nm over de grond en 2016 Nm over het water gevaren. We hebben dus behoorlijk meer tegenstroom dan meestroom gehad. Het aantal motoruren bedroeg 195 uur, het aantal zeiluren 123 uur.  De wind was tegen of te zwak om te zeilen. We hebben in totaal 7 dagen verwaaid gelegen, waarvan drie in Port Ellen in Schotland en twee in Kilmore Quay in Ierland. We kijken alweer naar het volgend jaar, dan wordt het waarschijnlijk een zeiltocht naar La Rochelle in Frankrijk. Maar eerst krijgt onze Carina groot onderhoud aan het onderwaterschip.

zaterdag 15 juli 2017

Van Nieuwpoort via de Roompot naar IJmuiden


Vrijdag 14 juli om kwart voor acht verlieten we de Royal Airforce Yachtclub van Nieuwpoort. De wind was W4-5 en met ruim 8 knopen over het water zeilden we langs de Belgische kust richting de Roompot, een afstand van 50 Nm. De stroom hadden we tot 15:00 uur tegen. Er stond een woelige zeegang vooral bij de Westerschelde, die soms het nodige buiswater over ons heen spoelde. Een paar fikse regenbuien kwamen over ons heen. Inmiddels was de wind geruimd naar NW5-6. Bij het oversteken van de noordelijke vaargeul, die rond de kop van Walcheren naar de Westerschelde voert, was het erg druk. Zeven vrachtschepen achter elkaar kwamen op ons af.  Eén zat op ramkoers. Slalommend zeilden we er tussendoor. Even daarna zond een Nederlands jacht, dat ca. 8 Nm van ons vandaan bevond, een Mayday uit. Het stag van de rolfok was losgeschoten en de schipper wist vanwege de windkracht 5-6 niet meer wat te doen. Via de Nederlandse kustwacht werd de KNRM ingeschakeld, die het e.e.a wist te fixeren zodat de mast niet overboord ging, waarna het jacht zelfstandig op motor naar de haven kon varen. Wij kwamen om half vier bij de sluis van de Roompot aan en gooide bij Neeltje Jans omstreeks vier uur ons anker uit.

Zaterdag 15 juli haalden we ons anker op bij Neeltje Jans en vertrokken we uit de Roompot om kwart voor zeven. Om zeven uur kwamen we bij de Roompotsluis aan. Na oproep via de marifoon werden we direct naar buiten geschut, zodat we een kwartier later de Roompot uit zeilden. De afstand naar IJmuiden was 70 Nm. Er stond een zuid- tot zuidwestenwind 3 bft. Tot tien uur hadden we nog stroom mee. Aan de wind de Roompot uit konden we nog zeilen, maar eenmaal op koers naar de Maasmond kwam de wind pal van achteren en maakten we onvoldoende snelheid, zodat we de motor moesten bijzetten. Om twaalf uur staken we de Maasgeul over. Het was er druk met in- en uitvaart van vrachtschepen. Er kwamen drie vrachtschepen achter elkaar de Maasmond uit. We moesten uitwijken voor de middelste tanker, de Ocean Corona. Om twee uur kwamen we langs Scheveningen. Er lagen veel vrachtschepen werkeloos voor Scheveningen op de rede. De economie trekt weer aan? Na bijna 12 uur en 80 Nm gehobbel over het water voornamelijk tegen de stroom in, voeren we om half zeven de haven van IJmuiden in, waar we twee maanden geleden onze rondje Engeland begonnen richting Lowestoft. Het is mooi geweest. Morgen nog door het Noordzeekanaal en zijn we weer in onze thuishaven de Blocq van Kuffeler.

donderdag 13 juli 2017

Naar Nieuwpoort en afscheid van rondje Engeland


We verlieten Dover om kwart voor acht richting Nieuwpoort, een afstand van 55 Nm en beëindigen na twee maanden hiermee met enige weemoed ons rondje Engeland. Helaas geen wind, maar de zon scheen wel uitbundig. Op motor en grootzeil staken we Dover Strait over. Het was er druk met veerboten en scheepvaart in de straat. Voor een vrachtschip moesten we onze koers tien graden wijzigen zodat we er net achter langs konden passeren. Er stond nog steeds een vervelende hoge deining uit het noordoosten van de NO7-8 van gisteren in de Noordzee. Halverwege keken we nog een keer om naar de krijtrotsen in de verte. Aan de andere kant zagen we in de verte de kust van Cap Gris Nez liggen. Daar varen we waarschijnlijk volgend jaar weer langs als we naar La Rochelle gaan. Dan is onze Carina weer even terug bij haar “geboorteplaats”. Om één uur voeren we door de rede van Calais / Duinkerken, waar een aantal vrachtschepen geankerd lag. In de buurt van Duinkerken trok de wind aan naar een NNE-3 en konden we weer zeilend verder. Om drie uur passeerden we Duinkerken en om half zes meerden we af bij de Royal Airforce Yacht Club in Nieuwpoort, waar we via de marifoon snel een mooie ligplaats kregen aangezien we al in hun computersysteem genoteerd stonden. De jachthaven was afgelopen jaar net vernieuwd. Niet lang daarna kwam de SAR uit Nieuwpoort binnen met ernaast een Nederlands jacht uit Harderwijk, dat kennelijk een lijn in de schroef had. We lagen naast een Belg met een X-jacht 412, die n.a.v het binnen gebrachte jacht door de SAR erg spraakzaam werd. Ze hadden een hond, die niet aan wal mocht op de Kanaaleilanden. Vanaf een boot kon de hond niet geïmporteerd worden. Dat kon alleen via een auto. Maar dan niet als passagier. Dus moest zijn vrouw een auto huren in St. Malo en met de huurauto via de veerpont naar Guernsey gaan. Toen de hond eindelijk was geïmporteerd, kende het hele eiland die hond! De volgende dag kwam er bemanning en zou de Belg zijn boot in een keer naar Guernsey varen. Op ons log stond 67 Nm. We hadden 12 Nm meer over het water gevaren vanwege de forse tegenstroom van meer dan 3 knopen in Het Kanaal. Morgen zijn we weer terug in Nederland.

woensdag 12 juli 2017

Heftige tocht naar Dover


Na eerst diesel te hebben getankt, verlieten we de sluis van Eastbourne om kwart over negen. De afstand naar Dover is 45 Nm vanaf Eastbourne. Er stond een NNW5-6 en we stoven op zeil aan de wind naar Dungeness met gemiddeld 8,5 knoop over het water. We hadden nog stroom tegen maar die zou 's middags omdraaien. Om twaalf uur passeerden we de landtong van Dungeness. We hadden 25 Nm er op zitten, maar moesten nog 20 Nm naar Dover. Bij Dungeness draaide de wind naar NO5-6 en kregen we pal tegen. Er stonden vervelende hoge golven bij de punt van Dungeness, waarschijnlijk nog van de windkracht 7-8 van vannacht, en de stroom was nog niet gedraaid. Kruisen op zeil had geen zin, dan gingen we achteruit. Met de motor erbij probeerden we er tegenin te komen, maar de wind en golven waren zo heftig dat de steven van onze Carina regelmatig met veel buiswater producerend in een golf verdween om dan weer een grote smak te maken van een golftop in een dal en we nauwelijks vooruit kwamen. Af en toe zagen we de mast bewegen en voelden we de boot trillen bij zo een klap. En dan staan we wel weer even stil bij de degelijkheid van de constructie, want de krachten van de natuurelementen zijn op dat moment erg groot. En een mast er af, scheuren in het laminaat of iets dergelijks daar wil je op dat moment even niet aan denken. We besloten te kruisen op grootzeil en motor. Dat ging iets beter, maar we maakten nog steeds grote klappen op de tegemoet komende golven. Nadat we kruisend dichter bij de Engelse kust waren gekomen werden de golven wat aangenamer. De weerkaarten van Zygrib hadden dit keer de windvoorspelling rooskleuriger voorgesteld. ’s Ochtends N4-6 en in de namiddag NO-4. Onze windmeter gaf in de namiddag NO eind 5 tot 6 bft aan. Windy.com had echter wel gelijk met het ECMWF-model dat 5-7 bft aangaf. Om vijf uur kwamen we bij de West-ingang van de haven van Dover aan, waar we twee keer werden opgeroepen. De eerste keer 3 Nm vanaf de haven met de vraag “wat onze intenties waren” en vlakbij de haven waar ze ons verzochten haast te maken om voor een “Dredger” binnen te lopen. AIS is wel handig, voordat je zelf oproept, roepen zij jou al op. Morgen steken we over naar Nieuwpoort en is ons rondje Engeland in feite voltooid.
 

dinsdag 11 juli 2017

Rustdag Eastbourne


Vandaag geen harde wind, die komt pas vannacht. Maar we hadden sinds Crosshaven in Ierland niets meer aan proviand gekocht en ook het water moest worden aangevuld. En daar waren we gisteravond te moe voor en besloten we om een rustdag in te lassen. Toen we wakker werden regende het en waren we blij dat we lekker even konden blijven liggen. Na een ontbijt met crackers, de rest was al op, gingen we naar de gigantische ASDA bij de haven in Eastbourne. Deze ASDA is tot 00:00 uur ’s nachts geopend en heeft een zeer uitgebreide sortering. In de haven van Sovereign Harbour zagen we dat twee Engelse Marinevaartuigen zich losmaakten en onder luid commando van de officieren de sluis in voer. We konden het niet laten om daar een mooie video-opname van te maken. In de sluis ernaast kwam net een vissersboot uit Newhaven, de NN732 binnen. Na de nodige boodschappen bij de ASDA maakten we in de middag een kleine wandeling langs de sluis en de zee. In de sluis lag een grote Duitse motorboot. We vroegen ons af hoeveel liter brandstof per uur deze verstookte. Ooit troffen we in dezelfde sluis in Eastbourne een Nederlander aan met een motorboot die de helft kleiner was en vertelde dat hij 25 liter diesel verstookte per uur bij een snelheid van 10 knopen. Dat is kruissnelheid en nog lang geen maximum. Bij de sluis spraken we een Nederlander van een zeiljacht, die wilde weten hoe het met de Rode diesel zat en hoe het op Wight was. Hij bracht met zijn vrouw en twee peuters namelijk de zeilboot van zijn ouders naar Wight, die daar er verder mee gingen varen. In de buitenhavenkom zagen we Andy Hodgson, die een poging doet om solo rond Engeland te roeien voor een goed doel. Hij schijnt daarvoor nog nooit een voet op een boot te hebben gezet en is de eerste persoon die solo om Engeland heen roeit (http://www.roundbritainrow.org/). Rond Sovereign Harbour staan fraaie vakantiewoningen met mooie fonteinen en beplanting. We zagen in 2004 deze woningen nog in aanbouw staan. Toen was de haven, Sovereign Hartbour, praktisch nieuw. Omstreeks vijf uur begon het weer eens te regenen, hoewel we vanaf Kilmore Quay geen regen meer hebben gehad. Morgen gaan we naar Dover.

maandag 10 juli 2017

Van Osborne Bay naar Eastbourne


Om half acht verlieten we onze ankerplek in de Osborne Bay. Kennelijk was er gisteravond een feestje in het Osborne House, ooit het zomerverblijf van koningin Victoria. We hoorden muziek en zagen vuurwerk uit die richting en 's nachts zagen we licht in het strandhuisje.  De koers voor vandaag was naar Eastbourne ca. 60 Nm vanaf Portsmouth. Weinig wind in de ochtend maar vandaag zou de wind in middag aantrekken naar ZW5-6. We besloten om het grootzeil niet te gebruiken, want pal voor de wind was de kans op gijpen groot vooral als de golven toenemen en bovendien vangt de fok geen wind meer door het afdekken van het grootzeil. We passeerden het aan de Wight-kant gelegen fort bij Portsmouth. Bovenop het fort staat een villa, die ooit voor een paar miljoen te koop stond. Het zag er nu bewoond uit. De vlag was gehesen en er hingen gordijnen voor de ramen. Even later voeren we tussen de twee tonnen van Selsey Bill door. Om twaalf uur kwamen we langs het windpark in aanbouw, Wave Rider no. 2 en werd de scheepvaart verzocht dat gebied te mijden. Zoals  voorspeld trok tevens de zuidwesten wind aan naar  5 tot 6 bft. en zeilden we op onze fok richting Beachy Head. Een uur later zagen we Brighton in de verte liggen. Om half vier rondden we de fraaie hoge en steile witte kliffen van Beachy Head met de vuurtoren aan de voet. De wind was inmiddels aangewakkerd naar ZW-6 met vlagen van 7. Er stonden hoge golven bij Beachy Head, veroorzaakt door de sterke stroom, die inmiddels al tegen de wind in was gedraaid. Sommigen waren wel drie meter hoog of meer. In windvlagen zagen we soms tot 32 knopen op de windmeter staan. Vanaf een hoge golf was het lastig om onze Carina op koers te houden om te voorkomen dat we dwars sloegen. Op de rand van de hoge klif Beachy Head zagen we silhouetten van mensen, die vermoedelijk naar ons gevecht in de golven staarden. Met alleen de fok surfden we soms al regelmatig 9 knopen over het water, maar door de sterke tegenstroom kwamen we bij de punt nauwelijks vooruit. Na Beachy Head nam de wind niet af maar de golven gelukkig wel. Na de Eastbourne Pier kwamen we om kwart over vijf vemoeid bij de sluis van Sovereign Harbour van Eastbourne aan. Het havenkantoor vergat om de rode lichten van de sluis op groen te zetten, zodat we in de hevige wind en stroom even moesten wachten. Maar we wel een mooie box in de binnenhaven kregen toegewezen. Vermoedelijk vanwege de hard wind was het niet erg druk. De weersvoorspelling voor morgen is onzeker. Er komt er ZW7-8 aan maar wanneer precies is onduidelijk. En we moeten ook nog boodschappen doen om onze voorraad aan te vullen voor de laatste paar dagen, dus blijven we maar een dagje liggen.

zondag 9 juli 2017

Van Portland naar Osborne Bay in de Solent


Omstreeks negen uur verlieten we Portland Marina. Gisteren excuseerde de havenmeester zich dat we lang op een ligplaats moesten wachten, maar "It was very busy, many yachts were coming in" zoals hij zei. Vandaag was het zondag en hadden we het geluk dat we dwars door het militaire schietgebied konden varen zonder dat we er uit gejaagd werden. Het was wederom mooi weer. De zon scheen vrolijk, maar helaas weer weinig wind. Op motor voeren we richting de Solent, waar we ook niet te vroeg mochten aankomen vanwege de stroming. In de Needles Channel kan de stroom ook oplopen naar 5 Nm. en die wil je niet tegen hebben. We kozen vandaag voor de "inshore" route ten westen van de Shingles, waar het minder stroomt. De stroom in de Solent gaat vanaf ca.18:00 uur meelopen. De afstand voor vandaag naar Portsmouth was 57 Nm. Om half twaalf passeerden we St. Alban Head met de fraaie witte vuurtoren. Een kwartier later hoorden we een Mayday-oproep van een jacht, waarvan de motor in brand stond, die door Solent Coast Guard werd gecoördineerd via een Mayday-relay. Het jacht bevond zich in de buurt van de plaats Ryde op het eiland Wight. Na een half uur was de brand onder controle en werd de Mayday door Solent Coast Guard beëindigd met een Mayday Fini. Om half één hesen we onze gennaker. Op de motor zouden we veel te vroeg aankomen bij de Solent. Met windkracht 2 bft. en stroom tegen maakten we nauwelijks vorderingen, maar net voldoende om op tijd in de Solent aan te komen. Vanwege de zondag en het mooie weer was het erg druk op het water. Solent Coast Guard maakte diverse Pan-Pan-meldingen van jachten, waarvan de motor het niet meer deed en op drift waren geraakt. Om zes uur kwamen we bij de ingang van de Solent aan en zagen we in de verte de Needles liggen. Vlak voor Portsmouth besloten we om te gaan ankeren in de Osborne Bay, nabij het Osborne House, dat we in 2008 hebben bezocht. Want de kans dat de jachthavens in Portsmouth ook vol zou liggen, was wel erg groot. Morgen gaan we weer verder richting het oosten.

zaterdag 8 juli 2017

Naar Portland en op zoek naar zwarte cilinder


We verlieten onze meerboei in de rivier de Dart om kwart voor negen. Het was licht bewolkt, maar niet koud. We voeren langzaam langs het schitterend gelegen Dartmouth naar buiten. Dit was de vierde keer en toch maakt de sprookjesachtige aanblik van de vele gekleurde huisjes op de hoge hellingen en het kasteel aan de monding steeds grote indruk op ons.  Aan een steiger lag een raderstoomboot. Er stond een noordenwind kracht 3 beaufort en we zeilden met ruim zes knopen richting Portland Bill, waar we pas om half zes langs konden varen in verband met de sterke stroming. Het kan daar tot meer dan 6 knopen stromen en vergelijkbaar met de race of Alderney bij Cap de la Hague naar Guernsey toe. De afstand voor vandaag naar Portland was 52 Nm. Een containerschip voer voor ons langs en haalde een loods op uit Brixham om vervolgens weer verder te varen. Na 15 Nm viel de wind weg en moesten we de motor bijzetten. Om twee uur werden we opgeroepen door Solent Coastguard met de mededeling dat precies op onze koers naar Portland Bill er een zwarte cilinder in het water dreef. De afmetingen betroffen een meter in doorsnee en drie meter lang. We moesten opletten en melding maken als we de cilinder tegenkwamen. Hebben wij dat weer? Ja, dat hadden wij weer. Je zal er maar met grote snelheid tegen aan varen. Niet ver van de opgegeven positie zagen we inderdaad een zwarte cilinder drijven. Nadat we er heen gevaren waren bleken de afmetingen wel wat minder te zijn. De diameter was ca. 30 cm en de lengte twee meter. We maakten bij Solent Coastguard hier melding van, die ons bedankte en er een "navigational warning" van zouden maken. Even overwogen we om de metalen cilinder mee te nemen, maar je kan op zee niet voorzichtig genoeg zijn. Er zal bijvoorbeeld drugs in zitten en dat heb je dan aan boord. Geen risico nemen dus. Om  half zes en keurig op tijd voor de kentering van de stroom passeerden we Portland Bill met de fraaie vuurtoren op de rotspunt, die we in 2007 in windkracht 7 voor de eerste keer hadden gerond en we in hevige overfalls terecht kwamen. De toenmalige vuurtorenwachter  gaf het advies altijd de “inshore” route te nemen ofwel 100 meter van de rotskust af. En dat hebben we nu inmiddels vele malen daarna gedaan. In Portland was het druk, maar we kregen na lang wachten toch nog een mooie plek aan een langssteiger.

vrijdag 7 juli 2017

Van Falmouth naar Dartmouth


Overvolle jachthavens hebben ook hun voordeel. We hadden een mooi uitzicht vanaf onze meerboei op het plaatsje Falmouth. Het was alleen jammer dat we geen boodschappen konden doen. Onze bijboot hadden we weer opgeborgen. Daartegenover was de ligplaats weer gratis. Om kwart voor acht verlieten we Falmouth, dat schitterde in de ochtendzon. Het was mooi weer. Het zonnetje scheen vrolijk. Helaas stond er te weinig wind uit het zuidwesten om te kunnen zeilen. Op motor en grootzeil tuften we met 7 knopen over het water richting Dartmouth. Om half een passeerden we Eddystone Lighthouse, gebouwd op de rotspartij Eddystone Rocks, ca. 10 Nm voor de kust van Plymouth. Twee uur later begon het harder te waaien en konden we weer zeilen. Om vier uur kwamen we langs de monding van de fraaie Salcombe River, die we vele malen met zeer goede herinneringen hebben bezocht en om zes uur zeilden we de monding van de Dart in. De aanblik van Dartmouth is telkens weer indrukwekkend. Ook in Dartmouth was het druk. Vele boten waren gepavoiseerd. Kennelijk is er weer een feestje te vieren. Een havenmeester in een rubberbootje wilde ons een ligplaats geven, maar wij verkozen de rust boven de drukte en legden wat meer de rivier de Dart op aan een meerboei vast.

donderdag 6 juli 2017

Van St. Mary's naar Falmouth


Om kwart voor acht verlieten we St. Mary's richting Falmouth, een afstand van ca. 62 Nm. Er stond een noorden wind van 3 bft. Even later zeilden we de mist in. Een paar dolfijnen vergezelden ons af en toe uit het water springend. Een vissersschip zond een "Securité Message" uit dat zijn motor uitgevallen en op drift was geraakt, die overgenomen werd door Falmouth Coastguard. Toen we het verkeersscheidingsstelsel van Lands End overstaken, kwamen er twee tankers, één van noord en de ander van zuid op ons af. Door de dichte mist zagen we ze alleen op AIS. De tanker uit het noorden boog af naar het oosten en kwam achter ons aan en passeerden ons op een halve Nm afstand zonder dat we hem zagen. Inmiddels was de wind aangetrokken naar NNW4-5 en zeilden we met 8,5 kn. Richting Falmouth. Om twaalf uur trok de mist op en begon zelfs de zon te schijnen. Om drie uur passeerden we Lizard Point met de fraaie vuurtoren Bumble Rocks Light House. Even daarna viel de wind weg en moesten we de motor bijzetten. Om zes uur kwamen we in Falmouth aan. De Falmouth Marina lag al vol en ook de Falmouth Haven Marina was al druk bezet, zodat we een mooie meerboei uitzochten om aan te leggen. Het is duidelijk vakantietijd. Morgen gaan we naar Dartmouth.

woensdag 5 juli 2017

“West Coast” wandeling op St. Mary’s


We zijn weer terug op St. Mary’s. Zo kom je er nooit en zo twee keer binnen ruim één jaar. En ja, het hoogtepunt van ons rondje Engeland is en blijft toch de Isles of Scilly. Met het mooie weer erbij wanen we ons op een subtropisch eiland in de Stille Zuidzee. We bliezen vanochtend onze bijboot op om aan wal te gaan. Op de pier was het erg druk met toeristen, die met kleine veerboten naar de andere eilanden Bryher, Tresco of St. Martin’s een uitstap wilden maken. Wij begonnen aan een wandeling van ca. 6 km langs de westkust van St. Mary’s. De route liep door het plaatsje Hugh Town, tevens de grootste plaats van het eiland. De vegetatie is subtropisch. Door het milde zeeklimaat vanwege de warme golfstroom wordt het op de Isles of Scilly nooit te warm of te koud. Vele fraaie bloementuinen vind je dan ook overal. We wandelden langs het “coastal footpath” dat op en neer ging over de rotsachtige heuvels. We hadden telkens een fraai uitzicht op de vele baaien en eilanden, Bryher, Tresco en St. Martin’s aan de overkant. We zagen de plekken waar we vorig jaar geankerd hadden of aan een boei hadden gelegen en de goede herinneringen van vorig jaar kwamen weer snel boven. Aan de andere kant van het “coastal footpath” bevond zich een omvangrijk golfveld. We kwamen langs de fundamenten van een heel oud dorpje uit de jaren 700 – 800 voor Christus, genaamd “Halangy Down Ancient Village”. Het is bewoond geweest vanaf de ijzertijd tot de middeleeuwen. Alleen de rotsachtige stenen stonden er nog. Aan de contouren kon je zien wat er mogelijk gestaan heeft. Daarboven op de rotsachtige heuvel bevond zich een grafkamer, Bant’s Carn Burial Chamber”. Aan het eind van de middag gingen we terug naar onze boot. We maakten nog een rondje met onze bijboot langs de baaien en het strand. Op onze boot terug gekomen, probeerde net een Deens zeiljacht aan een boei achter ons aan te leggen. Maar dat lukte niet omdat de lijn waaraan de ketting om aan te meren verstrikt zat onder de meerboei. Wij hadden net onze bijboot opgeborgen, maar gelukkig kwam een fransman, die weer achter de Deen lag, met zijn bijboot hem helpen. Een prachtige samenwerking op Europees gebied. Morgen gaan we naar Falmouth en begint het einde van onze reis te naderen. De gehele zuidwestkust van Engeland hebben we vele malen eerder bezocht, zodat we daar niet lang zullen verblijven. Het wordt zo langzamerhand tijd om weer naar huis te gaan.